nienkevanmaris

17 april 2014 | Lima

Deze Lima-vlucht heb ik vooral aangevraagd, omdat hij een heel lang reisverlof heeft: 4 dagen werken, 8 dagen vrij. In die tijd dat ik vrij ben, kan ik dan mooi een paar daagjes naar Frankrijk, om de verjaardag van mijn moeder te vieren. Geen vakantie hoeven aanvragen, om toch vrij te kunnen zijn. Ook dat zijn de voordelen van het werk!!!

En verder is Lima natuurlijk gewoon ook helemaal geen vervelende bestemming. Mijn maatje aan boord was ook mijn maatje naar Johannesburg, dus dat is gezellig.

Als we aankomen in het hotel zijn onze kamers niet klaar, maar we worden onthaald met hapjes en (non-alcoholische) drankjes, waarmee we de tijd vullen tot de kamers wel klaar zijn. Ondertussen inventariseren we hoeveel mensen morgen een fietstocht door de stad willen maken en we komen tot het ongekende aantal van 12. Daar gaan we proberen een reservering voor te maken.
Als ik me heb omgekleed, gaan we met een groepje nog even wat drinken op het terras bij het hotel aan de overkant. Niet superspannend, maar prima om de dag een beetje te rekken. Een deel van de groep gaat daarna nog door naar het casino, maar ik vind het mooi geweest en duik mijn bed in.

De volgende ochtend zien we elkaar allemaal bij het ontbijt. Helaas gaat het fietstochtje niet door, want het is Goede Vrijdag. En Peru is enorm katholiek... We besluiten dan maar gewoon met een taxi de stad in te gaan met een grote groep meiden. We beginnen in een straat en dan is er een doorgang naar een binnenplein. Het is daar prachtig!!! De stenen op straat zijn mooi en alles is versierd met gedetailleerd houtsnijwerk.
Het is verder ontzettend druk in de stad. Overal staan eettentjes op straat en tentjes waar van riet kruisjes gevlochten worden, met een Christus-beeldje erop. Allerlei kathedralen zijn open en daar hebben veel Peruanen die kruizen bij zich in de kerk, om ze te laten zegenen.

Op een groot plein is om 12u wisselen van de wacht en dat schijnt een happening te zijn. Toevallig zijn we op tijd op dat plein, dus dat willen we zien. Het lijkt er echter op, dat wij als groep minstens een even grote bezienswaardigheid zijn. We hebben een stel vrij lange meiden bij ons en in Peru zijn ze wel echt heel klein, dus er worden veel foto's gemaakt met ons... Ik moet het dan niet hebben van mijn lengte, maar mijn witte haar is ook wel erg opvallend.
Die wisseling van de wacht is al met al niet zo spannend, dus daarna gaan we door naar een tentje dat een collega al kent. Het is een mooie plek, waar je je zo een halve eeuw terug in de tijd waant. We nemen wat te drinken en bestellen cerviche: rauwe vis, wat door de zuren van de dressing toch wat gegaard wordt. Echt een Peruviaans gerecht.

Na deze lunch splitst de groep zich op: een groep gaat direct terug naar het hotel en een groep loopt nog iets door de stad voordat ze in een taxi stappen. Ik sluit me aan bij de tweede groep. We zien nog een Kathedraal, net als honderden anderen: je wordt eigenlijk gewoon door de stroom meegevoerd. Ik had nog heel braaf een lange broek en een shirt met lange mouwen bij me, voor als we een kathedraal in zouden gaan, maar dat blijkt niet nodig. Je loopt zo dicht tegen elkaar aan, dat niet eens zichtbaar is wat je wel of niet draagt.
Dan gaan we weer terug naar het hotel. We besluiten naar het strand te gaan en dan daar de zon onder te zien gaan. Maar als ik mijn bikini net aan heb, betrekt de lucht en vervalt het idee om op het strand te gaan liggen. Het wordt dus alleen naar Callas; een mooie strandtent, waar we wat willen drinken, met uitzicht op zee en de zonsondergang. Ik ga daar heen met een andere CA en haar vriendin die IPB mee is.

Onderweg naar Callas rijden we langs een man die met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dood in de berm ligt. Hij ligt in een rare houding, met zijn gezicht plat op de grond. Maar zoals wij er langs rijden, rijdt iedereen er langs. Ik vind het pijnlijk; het geeft mij het gevoel dat een mensenleven hier niets waard is... En ik denk ook dat dat echt anders is in Zuid-Amerika......

Als we de zon in de zee hebben zien zakken, gaan we verder de stad in, op zoek naar het eettentje waar we als crew los-vast hebben afgesproken: als je er bent, dan ben je er...
De taxichauffeur kan ons niet voor de deur afzetten, want er is een processie gaande.
Ik heb nog nooit een processie gezien, maar inderdaad, om bij het restaurant te komen, moeten we dwars er doorheen. Maar dat lukt niet. We laten ons meeleden door de bijzonderheid...
Er zijn twee baren: een met de beeltenis van Christus voorop en daarachter een met de beeltenis van de maagd Maria. Deze baren worden gedragen door een man of 20, allen gekleed in eenzelfde jas, met een dik touw afgezet. De stoet wordt voorgegaan door vrouwen in zwarte jurken, met een witte kanten sluier op hun hoofd. Zij lopen met wierookbranders en ze lopen achteruit. Tussen de twee baren lopen deze vrouwen ook, ook achteruit. En het publiek wat meeloopt, loopt ook achterwaarts mee. Iedere paar meter gaat er een bel en worden de baar-dragers afgewisseld door nieuwe mannen die langs de route klaarstaan. Het is zó indrukwekkend om hier getuige van te mogen zijn, dat we een heel stuk meelopen, voordat we weer aan ons restaurant denken. We hebben ook geen idee hoe lang de processie nog verder gaat, dus op een gegeven moment lopen wij weer terug naar de plek waar ons restaurant moet zitten.

Om daar te komen, lopen we langs een brug, waarvan het gerucht gaat, dat als je je adem inhoudt terwijl je de brug oversteekt en je doet een wens, dan komt je wens uit. Uiteraard probeer ik dat uit... We shall see....
En dan komen we bij het restaurant. We vragen specifiek naar het restaurant wat we opgegeven hebben gekregen, maar worden naar het restaurant ernaast gebracht. Ach, we kunnen het dakterras van het andere restaurant zien en er is toch niemand meer van onze crew. Het is gewoon al te laat geworden.
En dat het te laat is, merken we: ineens slaat de vermoeidheid keihard toe. We hebben echt maar iets kleins besteld, maar we moeten lang op ons eten wachten en we kakken steeds verder in. We schuiven ons eten naar binnen en pakken dan snel een taxi naar het hotel.

De volgende ochtend zien we iedereen weer bij het ontbijt. Iedereen is toch wel een beetje jaloers op onze processie. Het was ook echt enorm indrukwekkend.
Na het ontbijt gaan we naar "de markt". Dat is de benaming voor een aantal winkels bij elkaar, waar iedereen van de crew altijd naartoe gaat voor sjaals en aanverwanten. Peru staat bekend om zijn spullen van alpaca-wol, dus dat wil ik dan wel eens zien. We spreken af dat we na anderhalf uur weer opgehaald worden.
Er zijn echt zó veel winkeltjes dat ik door de bomen het bos bijna niet meer zie. Mijn moeder heeft mij gevraagd uit te kijken naar een rode sjaal en ik vind uiteindelijk een hele mooie omslagdoek, die aan twee kanten verschillend van tint is, gemaakt van wol van de baby alpaca. Ik koop er ook een voor mezelf, in een iets gedektere tint. Mijn collega's kopen een prachtige, die turkoois is aan de ene kant en dieproze aan de andere kant. Ik vind hem schitterend, maar ik heb niets wat daarbij zou passen, dus ik weet al dat ik hem dan niet draag... Verder vind ik nog een mooie sjaal voor mijn vader: vaderdag valt vroeg dit jaar...

Met drie collega's besluiten we te gaan lunchen, bij Callas, maar als we daar aankomen, is die nog niet open. En een half uur wachten vinden we te lang. Dan maar terug naar het hotel.  Er tegenover zit de Starbucks en daar halen we wat lekkers.
Dan gaat iedereen naar zijn kamer om nog wat te rusten voordat het weer Calling is en we weer 12u terug mogen vliegen...
En dan uiteraard door naar mijn ouders in Zuid-Frankrijk. Wat een wereldbaan!!!